Al die huizen

De dag loopt op zijn einde,
hier en daar gaan lichten aan.
Je hoort een kind piano spelen,
iemand met de deuren slaan.

Al die huizen
al die ramen
al die mensen
van wie je de naam niet kent.

Je hoort het vloeken van een vader,
ergens valt een glas kapot.
Iemand roept de poes naar binnen,
iemand doet alvast de deur op slot.

Een etage hoger staat een man
Eenzaam voor het raam te staan
In het huis ernaast zie je een echtpaar
Dansend door de kamer gaan

Al die huizen
al die ramen
al die mensen
van wie jij er eentje bent.

Koos Meinderts
(ongepubliceerd)